📌 Beekbergen
📝 stegen.net | persbericht

Het is officieel: het FEI Wereldkampioenschap Vierspannen 2028 wordt van 6 tot en met 10 september 2028 verreden in Beekbergen. De internationale paardensportbond FEI heeft de organisatie toegewezen aan Nederland en Beekbergen. 

Voor de organisatie is de toewijzing een prachtige bevestiging van de koers die na het zeer succesvolle Wereldkampioenschap Tweespannen in 2025 werd ingezet. Dat kampioenschap oogstte veel lof van deelnemers, officials en bezoekers vanwege de uitstekende organisatie, sportieve kwaliteit en gastvrije sfeer. 

Na dat WK richtte Paardenspektakel Beekbergen het vizier vol op de toekomst. De ambitie was helder: doorgroeien, de lat hoog blijven leggen en wederom een internationaal kampioenschap naar de regio halen. Dat die inzet nu met een positief resultaat wordt bekroond, stemt de organisatie trots en dankbaar.

Trots

,,We zijn ontzettend trots dat de FEI opnieuw het vertrouwen uitspreekt in Paardenspektakel Beekbergen als organisator van een wereldkampioenschap,” zegt initiatiefnemer Mieke van Tergouw. ,,Na het fantastische WK Tweespannen in 2025 hebben we gezegd dat we de lat hoog wilden blijven leggen. Dat dit nu resulteert in de toewijzing van het Wereldkampioenschap Vierspannen 2028 is een enorme beloning voor alle vrijwilligers, sponsoren, partners en iedereen die zich de afgelopen jaren heeft ingezet.”

Het kampioenschap krijgt in 2028 bovendien een bijzonder historisch tintje. Het is de vierde keer dat Nederland gastland is van het FEI Wereldkampioenschap Vierspannen. En precies veertig jaar eerder, in 1988, vond het kampioenschap plaats op het terrein van Paleis Het Loo in Apeldoorn. Daarmee keert het mondiale titeltoernooi na vier decennia terug naar de regio waar een belangrijk hoofdstuk uit de Nederlandse mensport geschiedenis werd geschreven.

,,We zijn ontzettend blij en vereerd dat we zo’n topevenement naar Nederland hebben weten te halen,” zegt Justus Valk, Manager Sport bij de KNHS. ,,Dit is niet alleen een geweldige kans om de wereldtop in eigen land aan het werk te zien, maar ook een mooie impuls voor de mensport in Nederland.”